Case 01
Eén boeking, twee verschillende vragen.
Bij de implementatie van een nieuw consolidatiesysteem bleek dat de administraties wel vastlegden wát een positie was, maar niet met wie. Daardoor konden onderlinge posities tussen groepsmaatschappijen niet tegen elkaar worden afgezet.
- Vraag
- Waarom sluiten de onderlinge posities niet aan?
- Context
- Internationale groep, nieuw consolidatiesysteem
- Uitkomst
- Vaste werkwijze voor Financial Control
Let opDeze case is geanonimiseerd. Bedrijfsgevoelige data, bedragen, namen en visualisaties zijn vervangen door fictieve voorbeelden. De aanpak en de logica erachter zijn echt.
Het probleem
De grootboekrekening vertelt maar de helft
Een financiële regel moet voor consolidatie twee vragen beantwoorden. De eerste — wat is het? — werd al beantwoord door de reguliere mapping. De tweede — met wie is het? — ontbrak.
Twee boekingen op dezelfde rekening kunnen bij twee verschillende groepsmaatschappijen horen. Zonder die tegenpartij is een vordering van A op B niet te vergelijken met de schuld die B rapporteert.
De grootboekrekening vertelt wát de financiële positie is. De intercompany-dimensie vertelt met wie de positie bestaat.
Wat ik deed
De tegenpartij als tweede dimensie vastgelegd
Ik heb de bestaande stromen in kaart gebracht, aanvullende masterdata opgezet en naast de reguliere financiële mapping een aparte partnermapping ingericht. Daarbij hoorden een verwerkingstemplate, correcties op bestaande jaarposities en een vaste uploadstructuur richting het consolidatiesysteem.
Het resultaat was geen los bestand maar een werkwijze, vastgelegd voor Financial Control.
Wat het opleverde
Verschillen werden vindbaar
Stel: A rapporteert een vordering op B van € 100.000, terwijl B een schuld van € 97.000 rapporteert. Dat verschil van € 3.000 was eerder nauwelijks te traceren. Met de partnerinformatie erbij is direct duidelijk waar het zit en met wie het besproken moet worden.
Visualisaties
De analyse in beeld
Klik op een visual om hem groot te bekijken.